Iftar in Ridderkerk

Column van Fridus Steijlen

De Ramadan is inmiddels afgesloten. Dagelijks werd het vasten de afgelopen weken verbroken met een gezamenlijke maaltijd: de Iftar. Op zaterdagavond 18 juni werd voor de tweede keer een interreligieuze Iftar gehouden in een Molukse moskee in Nederland. In 2014 was ik verhinderd tijdens de eerste interreligieuze Iftar. Dat was in de Molukse moskee An-Nur in Waalwijk. Deze keer was de interreligieuze Iftar in de Molukse moskee Bait Al-Rahmaan in Ridderkerk. Die wilde ik niet aan mij voorbij laten gaan. Een kort verslag.

In de schemering parkeerden wij onze auto tegenover de moskee. Aan de overkant van de weg waren groepjes ‘schaduwen’ op weg naar de moskee. Sommigen met tasjes eten. Gescheiden van elkaar betraden mijn vrouw en ik de moskee. Zij linksom door de vrouweningang en ik nam die van rechts voor de mannen. Via de garderobe voor jassen en schoenen kwam ik langs de wasruimte, om ritueel de voeten, handen en mijn gezicht te wassen. In het mannengedeelte was er vervolgens een warm weerzien met bekenden, maar ik zag ook nieuwe gezichten. Molukkers en niet-Molukkers. Moslims en niet-moslims. Tussen de mannen- en de vrouwenruimte bevond zich een centrale omloop. Alle drie ruimtes mondden uit in de grote gebedsruimte, bekleed met tapijt en aan de overliggende zijde de nis richting Mekka.



In de gebedsruimte heerste een respectvolle rust terwijl bezoekers elkaar begroetten en nieuwtjes uitwisselden. Mannen en vrouwen namen ieder aan hun eigen kant plaats op de grond, waarna een Maleisische imam speciaal voor de gasten een vers uit de Koran reciteerde. In Indonesië heb ik vaker de Koran horen reciteren: de ene keer mooier dan de andere. Maar eerlijk gezegd soms ook totaal niet om aan te horen. Deze in Ridderkerk was mooi, geconcentreerd en rustig waardoor de Arabische klanken voor een niet verstaander poëtisch werden. Na het welkomstwoord van de voorzitster van de moskee, Yayah Siegers-Samaniri, en een dankwoord door medeorganisator Wim Manuhutu, vertelde een Nederlandse imam over zijn leven als voormalige hippie. Een verhaal over seks, drugs & rock `n’ roll, dat je eigenlijk in geen enkel gebedshuis zou verwachten.



Het echte breken van het vasten werd voorafgegaan door de azan (oproep tot gebed), gevolgd door een ‘dua’ (smeekbede). Terwijl de imam staande richting Mekka de oproep tot gebed deed, werden aan de vrouwen- en mannenzijde dadels uitgedeeld. Sommigen van mijn christelijke medegasten aten uit gewoonte de dadel direct op. Toen ze na de smeekbede zagen dat de imams en andere bezoekers gezamenlijk het vasten van die dag verbraken met hun dadels, zag ik de ‘ongeduldigen’ verschrikt hun handen voor het gezicht houden. Na het gezamenlijke breken trokken mannen en vrouwen zich in hun ruimtes terug om zoetigheden en fruit te nuttigen. Gevolgd door een ‘gezamenlijk’ buffet dat in de centrale omloop stond opgesteld. Op dat moment druppelden al langzaam andere gelovigen binnen, die thuis het vasten hadden gebroken en nu in de moskee wilden deelnemen aan het gebed. De mannen in de grote gebedsruimte en de vrouwen in hun ruimte achter de linker ingang. Voor ons, de gasten, was het toen tijd om langzaam huiswaarts te gaan.

(foto's: Wim Manuhutu)

Het was een bijzondere bijeenkomst en ontmoeting op een net zo bijzondere plek. De Molukse Bait Al-Rahmaan moskee vormt namelijk een kleine kosmos waarin emancipatie en interetnisch samenleven duidelijk zichtbaar zijn. Dat blijkt niet alleen uit de samenstelling van de bezoekers van de moskee. Zij zijn afkomstig uit verschillende moslimgemeenschappen: Marokkaans, Afghaans, Somalisch, Indonesisch en ook Maleisisch. Vooral de samenstelling van de religieuze raad en bestuur wijst op die emancipatie en multi-etnische samenwerking. Van de leden van de religieuze raad is bijvoorbeeld de eerste imam een Patani (uit het grensgebied tussen Thailand en Maleisië), de tweede imam een Sumatraan en hebben de andere imams een Moluks-Javaanse, een Marokkaanse en een Molukse achtergrond. Zij worden gesteund door drie Molukse en één Nederlandse assistent, en ze worden geadviseerd door een Indonesiër en een Afro-Surinamer. Van de tien bestuursleden van de moskee hebben er vijf een Molukse achtergrond, drie een Moluks-Javaanse, een is Patani en een ook nog een Nederlander. En ja, zes van hen zijn vrouwen, onder wie de voorzitster (!). Dat is zeer uitzonderlijk voor een moskeebestuur.

Het interetnische karakter van de moskee wordt uiteraard ook op een ander terrein gevoeld. Eén van de mannen, die ik tijdens de Iftar sprak, vertelde dat de snacks tijdens de Iftar zoeter lijken te worden. Soms zo mierzoet als baklava. Hijzelf brak de vasten het liefst met een stevige rijstmaaltijd.

Wij kregen dat zoete die avond niet geserveerd. Alhoewel, de emancipatie en interetnische samenwerking in Bait Al-Rahmaan horen toch echt bij het zoete van het leven en niet bij het zure.

 

Laatst bijgewerkt: 9 juli 2016